Oorlogen

Achtergrond

Stadsarchief Enschede heeft het initiatief genomen om oorlogsslachtoffers uit beide wereldoorlogen meer prominent voor een ieder in herinnering te houden. Onder de titel “Geef ze een gezicht”  worden de tot nu toe alleen in aantallen genoemde slachtoffers thans voorzien van hun identiteit in de vorm van hun naam, leeftijd, datum, plaats en oorzaak van overlijden.

Werkwijze

Met behulp van beschikbare documenten is een opsomming gemaakt van tijdens de oorlog officieel geregistreerde inwoners van onze stad, alsmede de door oorlogsomstandigheden overleden personen (binnen de gemeente Enschede, of elders). Ook de personen van buiten de stad die gedurende deze periode binnen onze gemeentegrenzen zijn omgekomen zijn opgesomt.

Tijdens het onderzoek is gebleken dat in sommige gevallen officieel gewaarmerkte documenten niet altijd consequent en volledig deze slachtoffers zijn opgemaakt. De laatst vastgestelde versies zijn daarom als uitgangpunt voor het lijstwerk genomen. Vanuit privacy overwegingen zijn de personen die, al dan niet vrijwillig, in Duitse krijgsdienst zijn omgekomen niet vermeld.

De keuze is gemaakt de  lijst met oorlogsslachtoffers onder te verdelen. Dit is vooral gedaan om inzichtelijk te maken in welke mate bepaalde gebeurtenissen in Enschede en elders hebben geleid tot slachtoffers en welke categoriën mensen qua geslacht en leeftijd tot die slachtoffers behoren


Categorieën

  1. In de eerste plaats worden de overleden geallieerde militairen uit de Eerste Wereldoorlog, veelal  reeds ernstig ziek en afkomstig uit een der Duitse krijgsgevangenkampen, vermeld.
  2. Uit de periode van de Tweede Wereldoorlog wordt allereerst aandacht besteed aan de Joodse slachtoffers. Hun gegevens zijn zo veel mogelijk vergeleken met onderzoeksresultaten naar Joodse slachtoffers, ondermeer ook gepubliceerd als bijlage in het boek “De mooiste synagoge van Nederland”
  3. Als bron voor gegevens met betrekking tot slachtoffers uit de kringen van het voormalige verzet en die afkomstig uit gevangenschap zijn vooral de lijsten van de Oorlogsgravenstichting aangehouden. Een aantal slachtoffers is echter na hun terugkeer uit gevangenschap later alsnog ten gevolge van ziekten of uitputting overleden evenals dit het geval zal zijn geweest met een aantal ernstig gewonden ten gevolge van bombardementen. Van hen is melding gemaakt als genoemde documenten daarvan destijds melding hebben gemaakt doch dient echter te worden gerealiseerd, dat conscientieus onderzoek naar deze gevallen, mede door gebrek aan betrouwbare gegevens, achterwege is gebleven en gegeven opgaven dus niet compleet zullen zijn.
  4. Voor wat betreft in Enschede omgekomen Duitse militairen zijn door onvolledigheid van bewaard gebleven gegevens alleen degenen vermeld waarvan aantoonbaar is vastgesteld, dat zij (uiteindelijk) alhier zijn overleden. Zeker is echter dat ook dit aantal beduidend hoger moet zijn geweest.
  5. Wat de vermelding van z.g. vermisten betreft dient gerealiseerd te worden dat het hier, althans  wat de militairen betreft , voornamelijk gaat om gesneuvelden waarvan men ondanks herhaalde pogingen, de identiteit uiteindelijk niet heeft kunnen vaststellen. Deze personen hebben een bekende graflocatie doch gelden dus eigenlijk als ‘administratief’ vermist! De discussie welke mensen dienen te worden aangemerkt als oorlogsslachtoffer, bijvoorbeeld als zij gedurende hun onderduik zijn overleden, is niet uitputtend gevoerd. Indien extreme oorlogsomstandigheden aantoonbaar tot hun dood hebben geleid, zijn zij als oorlogsslachtoffer in gegeven lijst opgevoerd.
  6. Als derde categorie slachtoffers zijn degenen vermeld die op enigerlei wijze in opdracht van de Nederlandse regering naar elders zijn uitgezonden om de belangen van ons land te vertegenwoordigen en te verdedigen.

Verzoek aan de lezer

Er is gestreefd naar een zo betrouwbare, volledige mogelijke weergave ter nagedachtenis van hen die vielen. Stadsarchief Enschede verzoekt de lezer om de gegevens kritisch te willen beoordelen. Wanneer u van mening bent dat personen abusievelijk of in het geheel niet zijn vermeld, dan verzoeken wij u dat aan het stadsarchief kenbaar te maken, zo mogelijk ondersteund met relevante documenten.
Graag biedt het Stadsarchief aan iedere betrokkene verder de mogelijkheid, de gegevens van het desbetreffende slachtoffer te illustreren met een portret. Deze kunnen desgewenst en indien direct betrokkene(n) daartoe uitdrukkelijk toestemming verleend aan gegeven personalia worden toegevoegd.